|
De Nederlandse Geologische Vereniging huisvest momenteel de werkgroep Cephalopoden
De werkgroep cephalopoden (voorheen ammonietenwerkgroep) is 24
september 1993 tot stand gekomen.
De doelstelling van de werkgroep, waarvan de leden lid zijn van
de NGV, is het uitwisselen van kennis op het gebied van de Klasse
Cephalopoda en in het bijzonder de Onderklasse Ammonoidea.
Direct is de groep enthousiast van start gegaan en de geestdrift
is geen moment verflauwd. Momenteel is men bezig met het doen verschijnen
van Staringia 13 waarin behandeld wordt alle in Nederland door leden
gevonden Cephalopoden.
Door George Brouwers is opgezet een woordenlijst in vier talen
met daaraan gekoppeld verklarende tekst. Op deze wijze wordt gestreefd
naar een eensluidend woordgebruik bij publicaties.
1. Bestanddelen van het ammonietenhuis
van A tot Z in vier talen met afbeeldingen
2. Woordenlijst van A tot Z in
vier talen met verklarende tekst van het vakjargon.
Er zijn een aantal geslachten behandeld. Hierdoor werd men wegwijs
in de veelheid van literatuur, leerde men goed te determineren en
werd meer inzicht verkregen in de meningen en stellingen van auteurs.
Aan bod kwamen Hecticoceras, Breistrofferella, Pedioceras,
Bullatimorphites, Hildoceras, Harpoceras, Cleviceras,
Amaltheus, Schloenbachia, Aspidoceras, Crioceratites,
Pleuroceras en Hamites.
Van de hand van Frans C. Kraaijenhagen is in 1992 door de N.G.V.
uitgegeven het boekje
Geologie in Telegramstijl. Dit heeft als basis gediend voor
het onderdeel: De Studie van
Fossielen, Taxonomie en Nomenclatuur. Tevens vindt men hier
een opzet voor het archiveren van fossielen opgezet door George
Brouwers, die zich speciaal bezig houdt met de Onder-Jura. Bij de
naamgeving beginnen de problemen.
Meten is hierbij belangrijk.
Sutuur kan ook behulpzaam zijn.
Het samenstellen van diverse overzichten kan hierbij hulp bieden.
Zie het overzicht opgezet vauit
de Treatise 1957 met daarin opgenomen onderordes, superfamilies,
families, onderfamilies en geslachten (ondergeslachten) met synoniemen
# geplaatst in de tijdschaal van het Lias.
Hetzelfde overzicht uitgaande van de
nieuwe Treatise Howarth 1992. en nogmaals met als uitgangspunt
Schlegelmilch.
Vervolgens een overzicht van de
geologische tijdstabel van het Lias en een opzet uitgaande van
deze tijdstabel waarin opgenomen ammonieten aanwezig in resp. Lias
Alpha, Beta,
Gamma, Delta,
en Epsilon/Zeta uitgaande
van geraadpleegde literatuur.
Ons overleden lid Hans van Diggelen kwam middels berekeningen tot
de conclusie dat in het Albien van Wissant uiteindelijk maar vier
soorten Hamites voorkomen te weten: Hamites rotundus, H.gibossus,
H.attenuatus en H.tenuicostatus. H.maximus en
H.intermedius zijn synoniemen van Hamites gibossus
en H.compressus en H.incurvatus van Hamites attenuatus.
Er kwam vanzelfsprekend ook een aantal andere zaken aan de orde.
Er werd een avond besteed aan zeespiegelfluctuaties en ammonieten.
En een avond aan lithostratigrafie, biostratigrafie en chronostratigrafie.
Er is veel aandacht besteed aan diverse onderdelen uit het recent
verschenen werk Ammonoid Paleobiology van Neil H.Landman, Kazushige
Tanabe en Richard Davis.
Hier worden in de loop der jaren door George Brouwers gevonden
fossielen vertoond. Er is een volledig overzicht
van in 1983, 1984, 1999-2002 gevonden materiaal en nog niet volledig over de jaren 1985-1998 alsmede in de loop der
jaren bezochte vindplaatsen.
De plaats van samenkomst is Museum Hofland in Laren.
|