NGV-Geonieuws 67 artikel 440



NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


15 April 2004, jaargang 6 nr. 8 artikel 440

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 67! Op de huidige pagina is alleen artikel 440 te lezen.

<< Vorig artikel: 439 | Volgend artikel: 441 >>

440 CommerciŽle winning gashydraten komt naderbij
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Olie, Gas & Mijnbouw !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Gashydraten (ijsachtige kristallijne massaís van methaan met kristalwater) vormen enorme voorraden fossiele brandstoffen. Schattingen lopen op tot een energie-inhoud die het dubbele is van alle andere fossiele brandstoffen (steenkool, aardolie, aardgas) samen; Gerald Dickens (Rice University in Texas) schat de totale hoeveelheid op ruwweg 10.000-40.000 triljoen kubieke meter. Gashydraten worden daarom beschouwd als een mogelijk belangrijke toekomstige bron van energie, maar de winning ervan is moeilijk. Dat hangt deels samen met hun wijze van voorkomen (in de zeebodem en in zeer kwetsbare permafrostgebieden), deels met het feit dat gashydraten gemakkelijk uiteen kunnen vallen (wat tot explosieve situaties aanleiding kan geven) en ook gemakkelijk kunnen ontbranden. Winning is daarom zeer moeilijk.


GASHYDRAAD (GEELBRUIN) OP 550 M DIEPTE IN DE GOLF VAN MEXICO MET KOKERWORMEN (LAMELLIBRACHIA SP.), SCHELPJES (BATHYMODOLUS SP.) EN KLEINE KREEFTACHTIGEN

Niettemin is er inmiddels een grote stap voorwaarts gezet. Al in 2002 kon in het hoge noorden van Canada een 'eeuwige vlam' worden ontstoken op een 'gasveld' van gashydraat. Deze proefwinning wijst uit dat winning onder gecontroleerde omstandigheden mogelijk is; tenminste wanneer het allemaal meezit. Dit betekent overigens niet dat er nu een vrijwel onoverzienbare hoeveelheid energie voor het oprapen ligt, want veel gashydraten komen voor in 'losse plukjes' die economische winning waarschijnlijk altijd zullen uitsluiten. Andere voorkomens liggen in gebieden waar winning technisch vooralsnog niet goed mogelijk is; en weer andere voorkomens kunnen met de momenteel beschikbare technologie niet worden gewonnen zonder onaanvaardbaar grote risicoís op het gebied van de veiligheid. Voorlopig ziet het er dan ook naar uit dat slechts een minieme fractie (hooguit een paar procent) van de gigantische massa gashydraten zal kunnen worden gewonnen. Maar zelfs 1% (overeenkomend met ongeveer dezelfde hoeveelheid energie als alle huidige aardgasreserves bij elkaar) omvat toch nog zoveel dat daarmee het dreigende energietekort veel minder nijpend lijkt te worden.

Wanneer gashydraat uit de diepte naar het aardoppervlak wordt gebracht, leidt de verminderende druk tot het vrijkomen van methaangas. Bij de geslaagde proefboring bleek dat het gashydraat zelf zo permeabel was, dat het vrijkomende gas gemakkelijk door de boorschacht omhoog kon komen. Bovendien lijken in de meeste grotere voorkomens van gashydraten veel scheuren voor te komen, wat de migratie van het gas vergemakkelijkt (net als bij scheuren in een oliehoudend gesteente). Het succes van de proefboring was mede hieraan te danken. Hoe belangrijk deze mijlpaal op weg naar grootschalige commerciŽle winning ook is, er moet nog een lange weg gegaan worden, want er treden nog verschijnselen op die niet goed worden begrepen. Zo viel bijvoorbeeld bij de proefwinning plotseling de gasdruk weg, zonder duidelijke oorzaak.

Daarbij moet worden bedacht dat de proefboring werd uitgevoerd in een zeer rijk gashydraatveld; op een diepte tussen 890 en 1106 m komen tenminste tien zandlagen voor die rijk zijn aan gashydraat. Deze lagen zijn elk zoín 10 m dik, en gashydraat vult 80-90% van de poriŽnruimte. Zulke goede voorkomens zijn ongetwijfeld zeer dun gezaaid. Toch heeft de succesvolle boring grote verwachtingen gewekt. Mogelijk zal winning in gunstige gebieden al over 10-15 jaar mogelijk zijn. Dat is veel eerder dan voor de proefboring werd verwacht.

Referenties:
  • Kerr, R.A., 2004. Gas hydrate resource: smaller but sooner. science 303, p. 946-947.

Foto welwillend ter beschikking gesteld door Ian R. MacDonald, Texas A&M University, Corpus Christi (Verenigde Staten).


Copyright © NGV 1999-2014
webmaster@geologischevereniging.nl